Ik schaam me voor mijn land.
Niet voor de honderdduizenden medeburgers die zich op tientallen manieren blijven uitspreken, maar voor de lafhartige regeringen van dit land van ons, voor de medeplichtige ministers in die regeringen. Er kleeft dood aan jullie handen!
Als jullie zeggen dat het niet meer om aan te zien is, bedoelen jullie dan dat jullie niet meer kijken naar de mannen en kinderen in de kooien en hoe er op ze geschoten wordt nog voor ze de zak vervuild meel op hun schouders heffen, naar de onschuldige burgers op straat die vanuit drones tot ontploffing worden gebracht, naar de beknelde en verminkte en vermoorde mensen onder het puin en in de brandende tenten, naar de luid huilende kinderen en ouders in de kamers vol dode dierbaren, naar de vaders die rennen met kinderen zonder armen of benen of hoofd, de moeders met uitgemergelde baby’s in hun armen? Bedoelen jullie dat jullie moeten wegkijken om jullie lafheid en ongestoorde slaap en eetlust te beschermen?
Noura Walid Abdulsalam Shaheen, Maryam Nour Al-Din Wael Daban, Fatima Louay Rafiq Al-Sultan, Watan Mohammed Abd Al-Rahim Al-Madhoon,… elke dag lees ik een halve bladzijde namen van vermoorde baby’s voor. Ik heb 21 bladzijden vol met baby’s die geboren èn gedood zijn in het eerste jaar van de genocide – als je dat omrekent naar het bevolkingsaantal van België zouden dat al 100 bladzijden zijn, honderd bladzijden Bartjes en Davidjes en Jantjes en Bernardjes en Theootjes, en Anneleentjes en Matthieutjes en Matthiasjes en Bentjes en Zuhaltjes en Annickjes en Cieltjes… zouden jullie dan ook nog wegkijken? En als we hier in 22 maanden tijd al meer dan 85.000 kinderen te betreuren hadden, zouden jullie dan ook nog vinden dat een landje 3000 km verderop, een klein land dat grof geld verdient aan de handel met de moordenaars van onze kinderen, niets kan doen, niets hoeft te doen?
Jullie schijnen vergeten te zijn dat jullie geen machthebbers zijn maar gemachtigden. Wij, de burgers van dit land, hebben jullie verkozen tot onze afgevaardigden, wij, de burgers, hebben jullie gemachtigd, jullie hebben deze grote verantwoordelijkheid aanvaard, neem ze dan ook op! Jullie schijnen vergeten te zijn dat de meeste burgers een geweten hebben en willen dat er uit hun naam gewetensvol geregeerd wordt. Jullie schijnen te denken dat jullie honderdduizenden van ons mogen negeren, hoe luid we ook roepen. Jullie schijnen te denken dat jullie boven onze stemmen staan. Ik klaag aan dat jullie je in jullie vetbetaalde veilige torens onttrekken aan onze eis voor een moreel beleid. Ik klaag aan dat jullie smerige realpolitik de mensenrechten schendt. Ik klaag aan dat jullie je gedragen als onmensen. Je vous accuse!
Het is vijf over middernacht, de tijd voor laf getalm, voor drogredens en uitvluchten is allang voorbij. Lam yabqa fi qaws sabri minza, er rest geen pijl meer voor de boog van mijn geduld.
Met woedende groet,
Caro Van Thuyne


